Pestprotocol

We hebben gemerkt dat alles wat we willen doen voor
onze leerlingen valt of staat bij de signalering en/of melding van pestgedrag. En die signalering en melding schieten nog te vaak tekort, zodat de leerling met zijn probleem alleen blijft staan.

Dit protocol is erop gericht om volwassenen  en jongeren op de hoogte te brengen, van alles wat de school wil doen om een zo veilig mogelijk schoolklimaat te scheppen. Het heeft als belangrijkste doel om het vertrouwen van allen te winnen op een gebied waar nog te vaak wantrouwen overheerst.

Plagen & Pesten

We spreken over plagen wanneer de effecten van dat gedrag niet onaangenaam zijn voor anderen. Het gaat dan om een spel, dat door geen van de betrokkenen als echt of vervelend wordt ervaren. Plagen heeft geen nadelige gevolgen voor degene die het ondergaat.De pedagogische waarde van plagen is de speelse wijze van omgaan met “conflictsituaties”. Hierdoor ontwikkelen de leerlingen een vaardigheid, die hen later in hun leven van pas komt bij conflicthantering.

Voorbeelden van specifiek pestgedrag

Hieronder volgen 5 categorieën met voorbeelden van de genoemde vorm.

  • Verbaal: schelden, dreigen, belachelijk maken, uitlachen of een bijnaam geven op basis van lichaamskenmerken, (etnische) afkomst, geloof of seksuele voorkeur of n.a.v. een verkeerd antwoord in de klas, ongewenste smsjes sturen, via mail of chatprogrammas opmerkingen verspreiden, het gebruiken van mobiele telefoons of websites met de bedoeling iemand zwart te maken door het verzenden van opmerkingen en/of fotos of filmpjes.
  • Fysiek: trekken, duwen, spugen, schoppen, slaan, laten struikelen, krabben, bijten, aan de haren trekken.
  • Intimidatie: een leerling achterna blijven lopen of ergens opwachten, iemand in de val laten lopen, de doorgang versperren of klem zetten tussen de fietsen, dwingen om bezit af te geven of geld of andere zaken mee naar school te nemen, seksuele intimidatie.
  • Isolatie: uitsluiten door klasgenoten, voortdurend duidelijk maken dat hij / zij niet gewenst is, doodzwijgen.
  • Stelen of vernielen van bezittingen: afpakken, beschadigen en kapotmaken van spullen.